Al sinds de oprichting in 1891 heeft Philips oog gehad voor medewerker en maatschappij. Anno 2009 uit zich dat onder meer in een aantal opleidingsprojecten. Over een daarvan, Certificering Vakmanschap, spreekt A+O met Frank Visser. Hij is landelijk projectleider Certificering Vakmanschap bij het Philips Employability Center. “Wij willen de interne en externe inzetbaarheid van onze medewerkers vergroten.”
Wat verbindt A+O en Philips? Het antwoord: beiden dragen de leus ‘een leven lang leren’ hoog in het vaandel. Een van de projecten waarmee Philips deze woorden omzet in daden, is Certificering Vakmanschap (CV). Visser legt uit wat dit project behelst: “Kort gezegd biedt het project aan medewerkers zonder beroepskwalificaties de mogelijkheid om een algemeen erkend diploma te halen. Het gaat hierbij vooral om productiepersoneel uit onze fabrieken, maar sinds afgelopen jaar ook om secretarieel en administratief personeel. In 2004 is CV opgenomen in de CAO van Philips, maar in de jaren ervoor hadden we al pilots lopen om het project te testen. Dit hebben we gedaan in combinatie met het Philips Werkgelegenheids Plan (WGP), dat al 27 jaar bestaat. Het WGP biedt aan werkzoekenden de mogelijkheid om na een korte theoretische en gedragsmatige scholing opgeleid te worden op de fabrieksvloer van Philips. Deze opleiding levert ons extra capaciteit op, waardoor wij onze vaste medewerkers kunnen opleiden. Het grootste probleem bij opleidingen vormen bij ons namelijk niet de kosten, maar wel het bezettings- en productieverlies dat ontstaat wanneer medewerkers worden opgeleid. Door WGP en CV te combineren, wordt dat probleem ondervangen.”
Blijvende inzetbaarheid
De achtergrond van het CV-project is het vergroten en daarmee in stand houden van de inzetbaarheid van de medewerkers. Visser: “Bij Philips zagen we al in een vroeg stadium dat ongeschoold en laaggeschoold werk langzaam maar zeker aan het verdwijnen was. Veel van dat werk is inmiddels naar Oost-Europa en Azië gegaan. Het werk dat overbleef was van een hoger niveau. Wij wilden anticiperen op de verminderde inzetbaarheid van onze medewerkers die op termijn zou ontstaan. Die inzetbaarheid wilden wij door opleidingen vergroten: de interne inzetbaarheid, zodat medewerkers hun functie konden blijven uitoefenen, op breder en hoger niveau en de externe, omdat onvermijdelijk was dat op termijn toch een aantal medewerkers zou moeten afvloeien.”
Laaggeschoolde medewerkers naar een noodzakelijk hoger niveau brengen, dat was dus de hoofdreden om met CV te starten. Visser vertelt hoe het project er concreet uitziet: “In het verleden gingen mensen op jonge leeftijd na afronding van hun schoolperiode direct werken in de fabriek. Inmiddels zijn dat gerespecteerde vakkrachten, met veel ervaring, maar vaak zonder algemeen erkend diploma. Wij proberen hen met het CV-project nu allemaal op minimaal bbl-niveau II te krijgen en waar dat niet lukt proberen we ze op niveau I te krijgen. Tussen de 500 en 550 medewerkers zitten momenteel in dat CV-traject. Opvallend daarbij is het grote aandeel oudere medewerkers: bijna 17 % is ouder dan 50. Inmiddels hebben tussen de 1200 en 1250 medewerkers via CV hun diploma behaald. Dat hebben ze gedaan in een periode van gemiddeld twee jaar, waarbij een groot deel bestond uit praktijkopleiding binnen en door Philips zelf en een ander deel uit theoretische opleiding door een particulier opleidingsinstituut en een aantal roc’s. Voor een deel van de medewerkers zetten we tegelijkertijd een evc-procedure in. Dat is een manier om de in de loop der jaren opgedane werkervaring van medewerkers om te zetten in een aantal vrijstellingen voor de opleiding. Wij vragen evc-aanbieders altijd om een individueel opleidingsadvies in de rapporten van medewerkers op te nemen. Door dit evc-middel in te zetten kunnen medewerkers hun opleiding sneller doorlopen en hun diploma dus sneller behalen.”
Heden en toekomst
Ruim 1200 medewerkers hebben door het CV-opleidingstraject een erkend diploma behaald. Dit zijn indrukwekkende cijfers. Maar Philips zit niet stil. Visser: “We liggen op stoom, maar er is een groep van 300 tot 400 laaggeschoolde medewerkers die nog moet worden opgeleid.” Nu speelt ook de crisis, die iedereen raakt, dus ook Philips. Volgens Visser buigt Philips het nadeel van de crisis om in een voordeel: “De crisis heeft bij ons zeker invloed, er is bijvoorbeeld kritisch naar het opleidingsbudget bij de bedrijfsonderdelen gekeken. Maar het CV-budget is een landelijk budget, staat ook in de CAO opgenomen, dus we tornen daar niet aan. Het is vrij uniek dat wij met onze opleidingen op hetzelfde niveau kunnen blijven doordraaien. Sterker nog, er wordt zelfs zeer intensief opgeleid momenteel, op sommige plaatsen zelfs intensiever dan de bedoeling was.”
Meer informatie:
Philips Employability Center, Frank Visser (projectleider Certificering Vakmanschap, Werkgelegenheidsplan en Arbeidsmarktsubsidies): tel.: (040) 278 31 66, e-mail: frank.visser@philips.com
|